De laatste herinnering aan Doetinchem was een zure. Op 10 mei werd het in de eredivisie nog wel 2-2, maar door het cadeau van Feijenoord aan Roda JC degradeerde Volendam op de Vijverberg. Terug in de Jupiler League mocht De Graafschap tegen Volendam de koppositie glans geven terwijl Volendam kwam voor eerherstel. De Graafschap had het dubbele aantal punten van Volendam, omdat het Andere Oranje op alle fronten aan een zeer teleurstellend seizoen bezig is.

In de eerste twintig minuten leek het krachtsverschil inderdaad groot. Al na vier minuten mocht Barry Powell in het hart van de Volendamverdediging, zonder ook maar door iemand gestoord te worden, vrij aannemen en de hoek uitzoeken. Robbin Ruiter was kansloos. De 1-0 leek vleugels te geven, want eerst moest de lat redding brengen en vervolgens lag Ruiter drie keer perfect in de baan van een schot. Volendam zat echter ook niet stil. Omdat het voetbal van Volendam niet overliep van zelfvertrouwen, De Graafschap fysiek pittige duels niet schuwde en Wiedemeijer veel toeliet, kwam Volendam niet tot echt uitgespeelde kansen. De aanvallen zelf zagen er echter wel zo goed uit, dat Volendam zich uitstekend staande hield. Johan Steur had de spelers opgedragen hoe dan ook de aanval te blijven zoeken. Na een dik half uur werd die keuze beloond. Na een afgeslagen aanval van De Graafschap vond Robbin Ruiter de wegsprintende Melvin Platje. Over de uitlopende Joost Terrol deponeerde hij de bal in het net. Dat was zijn laatste actie. Vooraf had hij al geklaagd over zijn lies, wat hem noopte zich toch te laten vervangen. Eerder al was Aaron Meijers door Marijn Sterk vervangen, omdat de technische staf het spel op links te link vond. Met 1-1 werd de rust bereikt, een stand waarmee Volendam niet ontevreden mocht zijn. Als de ploeg in de tweede helft minder ruimte zou weggeven, kon er wellicht nog meer behaald worden.

Na rust was er vooral middenveldspel zonder echte kansen. Bijna gezapig ging De Graafschap op zoek naar een mogelijke kans. Na bijna een kwartier leek het te lukken. Eerst leek Volendam uit te breken, maar dat werd slecht uitgevoerd. De tegenstoot belandde ongelooflijk hard op de lat boven Robbin Ruiter. Vervolgens werd de bal rakelings voorlangs geschoven. Twee prachtige kansen en evenzoveel ontsnappingen die Volendam aan zichzelf te wijten had, omdat het veel te steriel bleef. De Graafschap bleef drukken, kreeg een aantal corners. Succes kon niet uitblijven. Halverwege de tweede helft prikte Yuri Rose de 2-1 uit een corner achter Robbin Ruiter. Het werd al snel erger. Joep van den Ouweland mocht vrij inschieten. De bal klutste, waardoor Robbin Ruiter kansloos werd. Hij raakte hem nog wel, maar de rebound was een cadeautje voor Barry Powell. Ook dit doelpunt mocht toegeschreven worden aan weinig alert ingrijpen van de Volendamploeg. De Graafschap kreeg in het laatste deel van de wedstrijd ruim baan. Vergeleken met het spel van de eerste helft leek Volendam met een man te weinig te spelen. Geen enkele aanval haalde meer het zestienmetergebied van de Superboeren, die hard op weg zijn naar het kampioenschap. Volendam had het opgegeven na de derde goal. Dat het al snel 4-1 werd door El Hassnaoui was een logisch gevolg. Met nog tien minuten op de klok was een flinke afstraffing, een vernedering in zicht. Het publiek, dat in de eerste helft wel erg stil was, roerde zich nu wel. Volendam kwam niet meer van het doel af. Maar tot grotere ellende kwam het gelukkig niet.

Geef een reactie